Geloven dat je er niet alleen voor staat. 

Wie zich verdiept in het leven van Don Bosco kan moeilijk voorbij aan zijn geloof in een God die met mensen op weg gaat. Deze diepe overtuiging vormde de onderstroom van zijn keuze en zorg voor jongeren. Hij droomde groot en werkte hard, hij zocht de stilte op én de wereld van kansloze kinderen. Een spreidstand die hij kon volhouden omdat hij geloofde dat hij er niet alleen voor stond.

Elk geloof moet je tegen het licht van de tijd houden. Wat voor Don Bosco vanzelfsprekend was, telt niet voor ons. De kaarten zijn anders geschud in onze samenleving. En toch blijft de zoektocht naar geluk, het verlangen van jongeren naar voluit ‘Leven’, naar tochtgenoten voor onderweg, naar zin en vervulling, naar liefde en geborgenheid, even actueel

In het huis van het geloof zijn hoop en vertrouwen onmisbare gasten. Verwondering en dankbaarheid hebben er hun vaste plaats. Maar ook twijfel en onmacht zitten mee aan tafel. En zelfs de rede is een rechtmatige bezoeker. Al vraagt geloof altijd die sprong in het duister, dat op weg gaan zonder dat men over alle gegevens beschikt. 

Het is een innerlijke houding die zich niet laat vangen in wetten maar net vrij maakt. Vrij van vooroordelen, vrij voor de liefde die de ander niet dwingt, niet veroordeelt maar opricht. Want: “Het geloof is een stok om op te steunen, niet om anderen mee te slaan”(Eliza Laurillard, predikant). Misschien vat dit tekstje het goed samen: “Wie openstaat voor God staat op een heel andere wijze tegenover de mensen. Wie openstaat voor de mensen staat op een heel andere wijze tegenover God. Wie openstaat voor God én voor de mensen staat op een heel andere wijze tegenover zichzelf: vrij, bevrijd, bevrijdend; zoals Jezus zelf was.” (Ward Bruyninckx, priester)

Wie zich verdiept in het leven van Don Bosco komt dit geloof, deze openheid op het spoor.

Door Hilde Van Parys
Bron: Don Bosco Vlaanderen 2017/3

Geloof dat doorsijpelt

Geloven is zeker zijn van de dingen waar je op hoopt
en ervan overtuigd zijn dat wat je niet ziet toch bestaat.
Zo staat het in de brief aan de Hebreeën.
Lastig in tijden waarin hopeloosheid geregeld opdoemt.
Moeilijk in tijden waarin we beelden zien van stervende,
ondervoede, kinderen in verschillende Afrikaanse landen.
De apostel Thomas had er ook al moeite mee,
hij wou eerst zien, zo lezen we in het Johannesevangelie.

Benijdenswaardig zijn mensen die ogenschijnlijk
weinig moeite hebben om rotsvast te geloven.
Zijn de meesten onder ons niet twijfelend, zoekend?
Terrorisme, oorlogen, de ongelijke verdeling van rijkdom,
armoede, hongersnood in Afrika, corruptie, onrecht,
ongeneeslijke ziekten, het lijden, onverdraagzaamheid, …
maken het ons niet gemakkelijk om te geloven.
Soms lijkt onze God zo totaal afwezig.

En toch, als het zware leed kortbij komt, zoals bij terreuraanslagen
dan ontstaat plots enorme solidariteit,
een golf van belangeloze inzet, van liefde die sterker is dan haat.
Is Hij daar aan zet?
Is Hij aan het werk waar mensen elkaar graag zien
en onvoorwaardelijk, belangeloos, zorg dragen voor elkaar?
Creëert Hij het wonder van een kind, de kracht,
pracht en diversiteit van de natuur?

Misschien vraagt Hij van ons geen groot geloof,
mogen we zoeken, tasten en twijfelen.
Geloof zo klein als een mosterdzaadje,
gezaaid in de goedheid van een mens,
in een voedingsbodem van gebed, verdraagzaamheid,
dienstbaarheid, solidariteit, liefde, …
bevloeid door het heldere water van een open geest
kan groeien tot een immense boom van diep geloof.

Door Firmin Vanspauwen
Bron: Don Bosco Vlaanderen 2017/3